Round-Trip Efficiency (RTE) is het rendement van een volledige laad- en ontlaadcyclus: van alle stroom die je in een thuisbatterij stopt, hoeveel kWh krijg je later daadwerkelijk terug. In de praktijk ligt RTE meestal tussen 70 en 90%, omdat omzettingen (AC↔DC), warmteverlies en eigen verbruik altijd een rol spelen. Plug-in thuisbatterijen komen in veel realistische situaties vaak uit rond 75–82%, terwijl vaste thuisbatterijen doorgaans vaker rond 85–92% zitten. Het exacte rendement hangt vooral af van hoe de thuisbatterij is aangesloten en hoe intensief je hem gebruikt.
Wat is Round-Trip Efficiency?
Round-Trip Efficiency, vaak afgekort tot RTE, geeft aan hoeveel energie je daadwerkelijk terugkrijgt van wat je in een thuisbatterij stopt. Stel dat je 10 kWh opslaat en je later 8 kWh kunt gebruiken, dan is de RTE 80%. Je kunt dit eenvoudig berekenen met de formule: RTE = (energie eruit / energie erin) × 100%. Een RTE van 100% bestaat in de praktijk niet, omdat bij elke stap energie verloren gaat.
Dat verlies is onvermijdelijk en heeft drie belangrijke oorzaken. Ten eerste ontstaat er altijd warmteverlies in kabels, elektronica en de batterijcellen zelf. Ten tweede gebruikt de elektronica van de batterij – zoals meet- en regeltechniek – continu een beetje stroom. En ten derde zijn er omzettingen: stroom wordt vaak meerdere keren omgezet tussen gelijkstroom (DC) en wisselstroom (AC), en elke omzetting kost energie.
Fabrikanten noemen soms een hoge “efficiency” van losse onderdelen, zoals alleen de omvormer of alleen de batterijcellen. Dat zijn echter deelcijfers. RTE kijkt naar het totaalplaatje: alles wat erin gaat versus alles wat er na een complete cyclus weer uitkomt. Juist dat totale cijfer bepaalt hoeveel van jouw opgewekte of ingekochte stroom je echt kunt gebruiken.
Fabriekscijfers versus praktijk
Fabrikanten vermelden vaak hoge rendementscijfers voor hun thuisbatterijen. Die worden meestal bepaald onder ideale omstandigheden: in een testsituatie met een constant hoog laad- en ontlaadvermogen, een stabiele temperatuur en zonder onderbrekingen. In zo’n setting werkt de elektronica het efficiëntst en zijn de verliezen relatief klein. Daardoor komen fabriekscijfers regelmatig uit op 90 procent of hoger.
In de praktijk ziet het gebruik er anders uit, en dat verschilt per type batterij én de manier waarop je laadt en ontlaadt.
Plug-in thuisbatterijen
Bij plug-in thuisbatterijen, die via het stopcontact laden en ontladen, ligt de RTE in de praktijk meestal tussen ongeveer 78 en 85 procent. Bij actief gebruik – waarbij de batterij regelmatig rond zijn maximale vermogen laadt en ontlaadt – zijn waarden boven de 80 procent heel gebruikelijk. Tegelijkertijd kan het rendement dalen wanneer de batterij vooral op laag vermogen werkt, veel uren standby staat en langzaam ontlaadt over een lange periode. In zulke situaties kan de RTE richting 70 à 75 procent zakken. Dat is niet per se “slecht”, maar vooral een gevolg van de omstandigheden waarin de batterij wordt gebruikt.
Vaste thuisbatterijen
Bij vaste thuisbatterijen ligt de RTE gemiddeld hoger. Deze systemen werken doorgaans met grotere vermogens en efficiëntere omvormers en zijn vaker strak geïntegreerd in de elektrische installatie. In veel huishoudens ligt de praktische RTE daardoor vaker tussen ongeveer 80 en 90 procent, en bij gunstige omstandigheden soms iets daarboven. Wel geldt dat oudere vaste systemen, of installaties met minder efficiënte omvormers, in de praktijk lager kunnen uitkomen. Ook hier kan de RTE dalen wanneer er veel op laag vermogen wordt gewerkt of wanneer het eigen verbruik (standby) relatief zwaar meetelt.
Direct laden met zonnepanelen versus laden via het stroomnet
Daarnaast maakt het verschil hoe een thuisbatterij wordt geladen. Bij laden via het stroomnet wordt stroom vaak meerdere keren omgezet tussen wisselstroom (AC) en gelijkstroom (DC). Elke omzetting kost energie en drukt het totale rendement. Als een thuisbatterij zonnestroom direct kan opslaan, kunnen er minder omzettingsstappen nodig zijn. In de praktijk zie je dan vaak een hoger rendement dan wanneer dezelfde thuisbatterij vooral via het net wordt geladen. Ook bij stekker-thuisbatterijen is het bij sommige modellen mogelijk om direct zonnepanelen aan te sluiten op de thuisbatterij, hetgeen in de meeste gevallen leidt tot een hogere RTE.
Kort gezegd: fabriekswaarden laten zien wat technisch mogelijk is onder ideale omstandigheden. Het rendement thuis wordt vooral bepaald door hoe vaak, hoe snel en op welk vermogen je laadt en ontlaadt, én via welke route stroom de batterij in en uit gaat. Marketing laat het maximum zien; het dagelijks gebruik bepaalt waar je in werkelijkheid op uitkomt.
RTE Plug-in thuisbatterijen versus vaste thuisbatterijen
Naast het verschil tussen fabriekscijfers en praktijkgebruik is er ook een structureel verschil tussen plug-in thuisbatterijen en vaste thuisbatterijen. Deze twee categorieën zijn technisch anders ontworpen, en dat zie je terug in het gemiddelde rendement. Plug-in thuisbatterijen laden en ontladen vaak via het stroomnet, waardoor de energie meerdere keren wordt omgezet tussen wisselstroom en gelijkstroom. Vaste thuisbatterijen hebben vaker een directere koppeling met zonnepanelen of een geïntegreerde omvormer, waardoor er minder omzettingsstappen nodig zijn en het rendement gemiddeld hoger ligt.
Plug-in thuisbatterijen
Plug-in thuisbatterijen zijn meestal AC-gekoppeld en worden via een stopcontact aangesloten. Ze hebben vaak een vermogen tussen 800 en 2.500 watt en een capaciteit van 1 tot 5 kWh per unit. In de praktijk ligt de RTE bij deze systemen meestal tussen de 75 en 83 procent. Bij gebruik op heel laag vermogen, met veel uren standby en langzaam ontladen, kan het rendement richting 70 procent zakken.
Dat heeft een paar duidelijke oorzaken. De omvormer in een plug-in batterij is relatief klein. Net als bij elke omvormer daalt het rendement bij zeer lage belasting, maar doordat hij is afgestemd op typisch huishoudelijk verbruik, draait hij in de praktijk vaak in een gunstiger werkgebied dan een veel grotere omvormer in vaste thuisbatterij. Daarnaast wordt stroom bij een plug-in batterij twee keer omgezet: van AC naar DC bij het laden en weer van DC naar AC bij het ontladen. Omdat deze systemen vaak langdurig op laag tot middelmatig vermogen actief zijn, tellen zowel de omzettingsverliezen als het eigenverbruik merkbaar mee in het totale rendement van een stekker-thuisbatterij.
Vaste thuisbatterijen
Vaste thuisbatterijen zijn bedoeld voor een vaste aansluiting in de meterkast en werken met grotere vermogens. Ze zijn vaak hybride of kunnen direct met zonnepanelen worden gekoppeld. In de praktijk ligt de RTE bij deze systemen meestal hoger, vaker tussen ongeveer 85 en 92 procent.
Dit komt doordat vaste thuisbatterijen beschikken over efficiëntere elektronica, zijn ontworpen voor hogere vermogens en vaak minder omzettingsstappen nodig hebben. Bovendien zijn ze beter afgestemd op de elektrische installatie van de woning, waardoor verliezen door overbelasting, lange standby-tijd of inefficiënte deellast minder zwaar doorwegen. Ook hier geldt: hoe actiever en consistenter het laad- en ontlaadgedrag, hoe dichter de praktijkwaarde bij de rendementen komt die onder ideale testomstandigheden worden gehaald.
Wat betekent RTE voor jouw thuisbatterij keuze?
Round-Trip Efficiency is belangrijk, maar het is niet het enige dat telt bij het kiezen van een thuisbatterij. Een lagere RTE kan nog steeds logisch zijn als je met die batterij stroom benut die je anders zou terugleveren. Zeker als je vooral je eigen zonnestroom wilt gebruiken, is elk percentage winst mooi meegenomen. Uiteindelijk is niet alleen het getal belangrijk, maar vooral hoe je de batterij gebruikt, hoe hij is aangesloten en of hij past bij jouw huishouden en dagelijkse stroomverbruik.
RTE in het kort
- RTE geeft aan hoeveel stroom je terugkrijgt van wat je in een batterij stopt.
- In de praktijk ligt RTE lager dan in marketingcijfers van fabrikanten.
- Stekker-thuisbatterijen zitten meestal lager dan vaste thuisbatterijen.
- Direct laden met zonnestroom is efficiënter dan laden via het stroomnet.








